De mensen achter SENIORLINES: onderzoeker Carolien Jansen

31 oktober 2018 0 reacties Interviews

Carolien Jansen houdt zich bezig met de basis van SENIORLINES: data en databeheer. Want alle gegevens die uit de interviews met ouderen komen, moeten op de juiste manier worden verwerkt, geordend en geanalyseerd. Als verpleegkundige werkte Carolien veel met ouderen in het ziekenhuis. Nu kan ze, als wetenschappelijk onderzoeker, op een andere manier een bijdrage leveren aan het verbeteren van de zorg voor deze kwetsbare groep, waar haar hart ligt.

Je hebt verschillende rollen binnen SENIORLINES, kun je die toelichten?
“Ik ben verantwoordelijk voor het databeheer en daarnaast ben ik ook inhoudelijk met de data bezig. Wat betreft databeheer ben ik degene die het overzicht heeft over welke onderzoeken er lopen en welke vragenlijsten daarbij worden gebruikt. Ook beoordeel ik of de ingevulde gegevens kloppen. Daarnaast ben ik betrokken bij de analyse van de data en het schrijven van artikelen.”

Wat gebeurt er precies op het gebied van databeheer binnen SENIORLINES?
“Heel veel! Het is misschien goed om eerst te vertellen dat het bij dit soort onderzoeken, waarbij gewerkt wordt met data, belangrijk is om de kans op fouten bij het verwerken van data zo klein mogelijk te maken. Bij SENIORLINES is het zo dat als een patiënt de eerste keer wordt geïnterviewd, een onderzoeksmedewerker bij diegene langsgaat in het ziekenhuis. Die gegevens worden eerst ingevuld op papier en later overgezet naar ons datamanagementprogramma Castor. Bij de follow-ups, waarbij patiënten die zijn ontslagen uit het ziekenhuis na drie en twaalf maanden worden gebeld, worden de gegevens vrijwel allemaal rechtstreeks in Castor ingevuld via de computer. Hierbij is de kans op fouten dus kleiner. Gelukkig is Castor een heel gebruiksvriendelijk programma waardoor de kans op fouten sowieso al heel klein is: het is zo geprogrammeerd dat je als onderzoeker niet per ongeluk data kunt wijzigen. Zo zijn we voortdurend bezig om ervoor te zorgen dat we op een zo correct mogelijke manier data verzamelen en beheren.”

Je doet ook onderzoek, waar gaat dat over?
“Op dit moment analyseer ik de antwoorden op de vragen naar de meest en minst gewenste uitkomsten van de ziekenhuisopname voor de deelnemer. Deze vragen werden in de eerste versie van SENIORLINES gesteld. In volgende versies zijn specifiekere vragen gesteld, en is er meer doorgevraagd, omdat het niet altijd duidelijk was wat de deelnemers aan het onderzoek precies bedoelden. Toch bevatten die eerdere antwoorden waardevolle informatie. Daarnaast ben ik betrokken bij andere onderzoeken van de afdeling Ouderengeneeskunde, zo doe ik bijvoorbeeld onderzoek naar ouderen die extra veel kans hebben op een delier, ofwel ernstige verwardheid.”

“Ik vind het belangrijk dat je patiënten helpt om zichzelf te blijven”

 

Je hebt een gevarieerde achtergrond. Hoe ben je terechtgekomen op de afdeling Ouderengeneeskunde?
“Dat is eigenlijk best een lang verhaal! Ik heb biologie gestudeerd, maar omdat de banen toen niet voor het oprapen liggen ben ik daarna nog Verpleegkunde gaan doen. Zo ben ik hier in het ziekenhuis terechtgekomen, waar ik op verschillende afdelingen heb gewerkt. Daarnaast was ik altijd al geïnteresseerd in de psychologische kant en daarom heb ik ook nog een studie Psychologie gevolgd aan de Open Universiteit. Dat heb ik er al die jaren stukje bij beetje naast gedaan. Op een gegeven moment was ik verpleegkundig consulent bij de afdeling Ouderengeneeskunde, en was het de bedoeling dat ik er ook onderzoek naast zou doen, maar toen kreeg ik een depressie. Daarna kon ik niet meer werken als verpleegkundige en ben ik alleen nog blijven werken als onderzoeker. Het is erg fijn dat ik op deze manier toch op de afdeling kan blijven werken, want dit is waar ik hoor. Dit is het vakgebied dat bij me past.”

Waarom past de ouderengeneeskunde zo goed bij je?
“Omdat ik het belangrijk vind dat er goed voor mensen gezorgd wordt. En dan gaat het deels gewoon om goede basiszorg. Juist bij ouderen is het belangrijk om daar extra op te letten. Door bijvoorbeeld in de gaten te houden of ze zelf gaan eten, mensen op tijd naar de wc te helpen of door te zorgen dat ze uit bed komen en een stukje lopen. Helaas ligt het tempo in een ziekenhuis vaak zo hoog dat dat erbij inschiet. Bovendien zijn het vaak mensen die niet goed voor zichzelf kunnen opkomen en die hulp nodig hebben om te bedenken wat ze willen. Gelukkig is hier tegenwoordig wel steeds meer aandacht voor. Ik vind het ook belangrijk dat je mensen helpt om zichzelf te blijven. Dat je iemand niet alleen maar patiënt maakt, maar dat je aandacht voor een mens hebt. Toen ik nog als verpleegkundige werkte haalde ik er veel voldoening uit als ik merkte dat mensen zich goed voelden als ik er was. Zo was er een keer een patiënt met een delier die het heel prettig vond als ik langskwam en gewoon even rustig een poosje bleef zitten praten. Dat is natuurlijk leuk, als je dat merkt. En ondanks dat die directe patiëntenzorg nu niet meer kan, kan ik op een andere manier toch wat betekenen voor ouderen die in het ziekenhuis zijn opgenomen.”


Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

 

Verwante artikelen

De mensen achter SENIORLINES: onderzoeker Luka Brouwer

...

De mensen achter SENIORLINES: onderzoeker Marlies Feenstra

...

De mensen achter SENIORLINES: onderzoeker Maartje van der Kluit

...

Wat is de beste plek voor de oudere patiënt?

Margriet Bos van UMCG Kennisinzicht interviewt collega Ruth Hiltermann-Tilanus met oog op haar bijdr...